Bram

Bram

“Ik begeleid kloosterwandelingen in Nederland België en Duitsland en bereid ze voor. Het is mijn grootste hobby sinds ik gestopt ben met werken. Het zijn wandelingen van een paar dagen in de omgeving van een klooster of van klooster naar klooster, waarbij je bij de monniken of de nonnen logeert. Een paar langere routes heb ik samen met mijn vrouw ontworpen. Je gaat op onderzoek uit, bezoekt kloosters, legt contacten en verkent wandelingen. Zo’n vijf tot zeven keer per jaar loop ik een kloosterwandeling met gasten. Meestal kent men elkaar niet, contact ontstaat al lopende maar dat hoeft niet. De wandelingen zijn opgezet als toeristische activiteit maar een verblijf in een klooster blijkt vaak heel anders uit te werken. Mensen ontdekken eindelijk de stilte en merken wat dat met hen doet.

Je perspectief op de wereld verandert ook als je bij De Open Hof vrijwilligerswerk doet. Je krijgt inkijkjes in zulke andere levens. Net als bij de kloosterwandelingen gaat het er bij de Open Hof heel relaxed aan toe, het komt zoals het komt. We organiseren geen gesprekken met bezoekers. Het ontstaat of het ontstaat niet. Dat gaat bij kloosterwandelingen net zo. Ieder mens is zoekend en er zijn grote levensvragen. De ene keer heb ik zin in dit soort gesprekken maar niet altijd.

Ik doe dit vrijwilligerswerk niet om het inschenken van de koffie en de thee. Toen ik tien jaar geleden stopte met werken zat ik op een keerpunt in mijn leven. Er vond een omslag plaats in mijn kijk op de wereld en op de mensen. Alsof het zo moest zijn kwamen die kloosterwandelingen en de Open Hof op mijn pad. Waarom koos ik voor de Open Hof? Ik ontdekte dat er ook nog heel andere mensen in de wereld rondlopen die aandacht verdienen. Vroeger werkte ik hier om de hoek in de Boteringestraat, ik zag de Riepeverkopers en liep aan hen voorbij. De oproep voor vrijwilligers bij de Open Hof was een beetje apart en ik dacht direct: dát ga ik doen.

Ik heb een paar keer in een afkickkliniek gewoond, als gast. Door De Open Hof wilde ik weten wat het voor leven is, dat verslaafden leiden. Ik zag hoe die mensen met hun leven aan het worstelen zijn. Met heel veel moed proberen ze er bovenop te komen. In De Open Hof hoor je wel eens verhalen van mensen die een poging doen met drugs te stoppen. Op het moment dat ze hier terug komen is het meestal weer mislukt. De Open Hof is echt de laatste strohalm, de laatste plek waar mensen vriendelijk, met open armen ontvangen worden. Als je eenmaal in de goot zit is het zo moeilijk om daar uit te komen. Eerlijk onder ogen zien wat je jezelf en je naaste familie en vrienden hebt aangedaan is het allermoeilijkst. Je komt er alleen uit als je op de een of andere manier een motor vindt om onder ogen te zien welke ellende je hebt aangericht en tegen jezelf te zeggen: en voortaan doe je het anders.”

Door deze ervaringen kreeg Bram meer begrip voor het moeizame leven dat dak- en thuislozen leiden. Valt het vrijwilligerswerk hem niet zwaar?

“Gelukkig is het niet alleen maar treurigheid en spanning, er is ook plezier. In de Open Hof is het relatief ontspannen. De bezoekers komen voor wat veiligheid en rust.”