Dirk

Dirk

“Ik heb filosofie gestudeerd en ben nu twee jaar klaar. Het is moeilijk om werk te vinden, daar kom ik nu wel achter. Ik kon bij het archief beginnen, ik heb daar de sociale media opgezet. Ik had het er naar mijn zin en het leek erop dat ik kon blijven, maar helaas. En ik ben ook vrijwilliger bij VERA, daar sta ik achter de bar.

Ik houd van prettig gestoorde types, mensen die er niet helemaal inpassen. Ik ben zelf ook zo. Je gaat geen filosofie studeren omdat je een goede baan en een dure auto wilt. Er zijn succesvolle filosofen, zoals een aantal bekende columnisten. Ze houden er van om lekker ongenuanceerd te zijn. Dat vind ik leuk voor in de kroeg, maar voor mij is het juist belangrijk om dingen van meerdere kanten te bekijken en je in te leven in andere standpunten. Ik ben meer iemand van ‘de werkelijkheid is complex’. Kijk maar bij de Open Hof. Hier zie je dat er heel verschillende manieren zijn om tegen het leven aan te kijken, en wat is nu het goede leven? Daar kom je niet uit.

Ik ben streng christelijk opgevoed en heb daar in mijn puberteit flink afstand van genomen. Ik was een ruige tiener met hanenkam en veel bier drinken. Aan het eind van mijn studie concludeerde ik dat denken en redeneren me niet zover had gebracht als ik hoopte. Ik zag in dat ik ook op het gevoel keuzes moest leren maken en dacht: ik ga gewoon weer bij een kerk. De Open Hof kwam in dezelfde tijd. Ik vind het nog steeds moeilijk om uit te leggen waarom ik dit doe, behalve dan dat ik denk dat dit goed is. Ik kan niet ophouden met nadenken maar de balans tussen denken en doen is beter geworden door het vrijwilligerswerk. Ik denk wel vaker dat de Open Hof meer goed doet voor de vrijwilligers dan voor zijn klantjes.

Ik ben niet zo goed in diepe gesprekken voeren met de bezoekers. Er zijn wel mensen hier die daar erg goed in zijn, zij hebben een bewogener leven gehad dan ik. Bij mij luchten bezoekers hun hart over hun frustraties. Dat ze er weer boetes bij hebben en dat het toch nergens op slaat dat ze niet rustig op straat een biertje mogen drinken.”

De eerste keer dat Dirk bij de Open Hof kwam verwachtte hij een depressief sfeertje aan te treffen. Dat bleek heel anders te zijn. Hoe kijkt hij daar nu tegenaan?

“Ik denk dat ik qua levensinstelling een boel van hen kan leren. Op een bepaalde manier hebben ze van hun leven een zooitje gemaakt. Ze leiden een zwaar leven en toch laten sommigen zich niet uit het veld slaan. Een half uurtje tegen mij aan kankeren, koffie en een broodje en dan zijn ze er weer bovenop.”